Ontwikkelingspsychologie

Ontwikkelingspsychologie bestudeert  de ontwikkeling van de mens in een bepaalde leeftijdsfase en welke interne of externe factoren invloed hebben op mensen. De fasen binnen de ontwikkelingspsychologie kun je onderverdelen in:

  • De babyfase (0-18 maanden)
  • Peutertijd (18 maanden tot 4 jaar)
  • Kleuterfase (4-6 jaar)
  • Schoolleeftijd (6-12 jaar)
  • Puberteit (13-21)
  • Volwassenheid (21-65)
  • Ouderdom (65-….)

5 ontwikkelingsgebieden

  • Motorische ontwikkeling: verandering in het lichaam en het brein, de motoriek, de fysieke gezondheid.
  • Cognitieve ontwikkeling: verandering in mentale vaardigheden, zoals: leren, aandacht, geheugen, taal, denken, redeneren en creativiteit.
  • Sociaal emotionele ontwikkeling: verandering in emoties, persoonlijkheid en sociale relaties, communicatie, zelfbegrip, waarden en normen en hiernaar handelen.
  • Creatieve ontwikkeling: het vermogen om te dromen, fantaseren en het ontdekken van nieuwe mogelijkheden.
  • Spel ontwikkeling: de ontwikkeling die het kind doormaakt tijdens het spelen.

3 basisproblemen 

  1.  Is de ontwikkeling constant of juist niet?
  2. Is er één verloop van de ontwikkeling of zijn het er meer?
  3. Is erfelijkheid of milieu het belangrijkste in het kijken naar de ontwikkeling?

De ontwikkeling wordt als iets dynamisch gezien waarbij het proces altijd verder gaat en wordt beïnvloed door situaties, mensen, interacties met elkaar etc.